Les prépositions et les moyens de transport

Franse grammatica (see all Franse grammatica)

Probeer Frantastique (Online Franse les) vandaag uit. Want to improve your French?

Les prépositions et les moyens de transport

En: We gebruiken het voorzetsel en voor vervoermiddelen waar we instappen: en voiture (met de auto), en train (met de trein), en avion (met het vliegtuig), en bus (met de bus) etc.
Victor est allé à la fête en taxi. Victor went to the party by taxi.
Qui a fait le tour du monde en montgolfière en 80 jours ? Wie reisde per heteluchtballon in 80 dagen rond de wereld?

À: We gebruiken het voorzetsel à voor vervoermiddelen die niet gemotoriseerd zijn: à pied (te voet), à cheval (te paard), à dos d’âne (op een ezel), à la nage (zwemmend) etc.
Victor est parti se promener à pied. Victor is een wandeling (te voet) gaan maken.
Des sherpas nous portent à dos d’homme. De sherpa’s dragen ons op hun rug.

Opmerking: Beide voorzetsels en en à worden veel gebruikt voor deze vervoermiddelen: en/à vélo (op de fiets), en/à moto (op de motorfiets), en/à mobylette (op de brommer),en/à skis (op de ski’s), en ou à pantins (op de schaatsen). Puristen geven de voorkeur aan à.
Quand il y a de la neige, Muriel adore aller au marché à (ou en) skis. Als het sneeuwt, gaat Muriel graag op de ski’s naar de markt.


Still having difficulties with Les prépositions et les moyens de transport (Franse grammatica )? Want to improve your French? Test our online French lessons and receive a free level assessment!


Do you have smart way of remembering Les prépositions et les moyens de transport? Share it with us!