Le participe passé

Franse grammatica (see all)

Want to improve your French? Test our online French lessons for free!

Le participe passé

Het voltooid deelwoord wordt gevormd door de volgende uitgangen toe te voegen aan de stam van het werkwoord:
•  é voor werkwoorden eindigend op -er
•  i voor de meeste werkwoorden eindigend op -ir
•  u voor werkwoorden als attendre, boire, voir, lire etc.
•  it of is voor werkwoorden als écrire, dire, prendre etc.
Aimer, écouter → Aimé, écouté gehouden van, geluisterd
Finir, dormir → Fini, dormi voltooid, geslapen
Attendre, boire, voir, lire → Attendu, bu, vu, lu gewacht, gedronken, gezien, gelezen
Écrire, dire, prendre → Écrit, dit, pris geschreven, gezegd, genomen

Het voltooid deelwoord wordt gebruikt:
•  als bijvoeglijk naamwoord bij een zelfstandig naamwoord. Het moet met het zelfstandig naamwoord overeenstemmen in geslacht en getal: er komt een e achter in de vrouwelijke vorm, een s in het meervoud en es in het vrouwelijk meervoud.
Préférer → un film préféré, une phrase préférée, des livres préférés een favoriete film, een favoriete zin, favoriete boeken.
Lire → des livres lus, des histoires lues, un journal lu gelezen boeken, gelezen verhalen, een gelezen krant.

•  voor het vormen van samengestelde tijden (passé composé, plus-que-parfait, passif etc.) met de hulpwerkwoorden être en avoir.
Elle a fini la bouteille, ils ont fini la bouteille conjugaison Zij heeft de fles leeggedronken, zij hebben de fles leeggedronken (hulpwerkwoord avoir → geen overeenstemming met het onderwerp)
Ils étaient venus, elles étaient venues conjugaison Zij waren gekomen, zij waren gekomen (être auxiliary → overeenstemming met het onderwerp)



Still having difficulties with Le participe passé? Want to improve your French? Test our online French lessons and receive a free level assessment!


Do you have smart way of remembering Le participe passé? Share it with us!